Door Marcel Mutsaarts
Stop met melden dat je AI hebt gebruikt

This image was created with Codex
De discussie over de berichten van Rob Jetten bracht me opnieuw bij een vraag die in het onderwijs voortdurend terugkomt. Moet je bij een tekst vermelden dat je AI hebt gebruikt? Het gebruikelijke antwoord klinkt redelijk: natuurlijk, wees daar gewoon transparant over. Toch ben ik gaan twijfelen aan wat we daarmee eigenlijk te weten komen.
Inmiddels denk ik dat we die standaardverantwoording moeten afschaffen. We zouden moeten stoppen met bij iedere tekst een verklaring te verlangen over de betrokkenheid van AI. Dat klinkt misschien vreemd, zeker uit de mond van iemand die zich bezighoudt met AI in het onderwijs. Maar hoe langer ik erover nadenk, hoe minder vanzelfsprekend ik die verplichting vind.
Wat bedoelen we met zelf geschreven
Stel dat ik een artikel helemaal zelf schrijf. Ik heb het idee eerst met een collega besproken, die een tegenargument aandroeg waar ik nog niet aan had gedacht. Daardoor veranderde mijn conclusie. Tijdens het schrijven gebruikte ik de spellingcontrole en achteraf vroeg ik mijn moeder of een paar zinnen een beetje liepen. Is het dan nog mijn tekst? Volgens mij zouden de meeste mensen daar weinig moeite mee hebben.
Nu doe ik precies die dingen met AI. Ik onderzoek een tegenargument, laat de spelling controleren en bespreek een ongelukkige formulering. Opeens zou er bij de tekst moeten staan dat ik AI heb gebruikt. Wat weet de lezer dan? Die kan evengoed denken dat ik één opdracht heb gegeven en het resultaat zonder nadenken heb overgenomen.
Onder dezelfde melding passen dus heel verschillende manieren van werken. AI kan je helpen een gedachte verder te onderzoeken, maar ook het hele denkwerk van je overnemen. Dat verschil doet ertoe. Alleen vertelt de mededeling dat er AI is gebruikt niet waar dat verschil in deze tekst zit.
Natuurlijk kun je vervolgens om een preciezere verklaring vragen. Dan moet je aangeven waarvoor je AI hebt ingezet en welke onderdelen je zelf hebt gemaakt. Maar een gedachte laat zich niet altijd zo netjes terug 'verdelen'. Als een vraag van AI mij op een ander spoor brengt, van wie is de gedachte die ik daarna ontwikkel? Bij een gesprek met een collega vinden we dat meestal geen raadsel.
Daarmee beweer ik niet dat alle hulp gelijk is. Je moeder een onhandige zin laten bekijken is iets anders dan iemand een compleet betoog laten schrijven. Mijn bezwaar is dat de scheidslijn tussen wel en geen AI ons weinig helpt om dat inhoudelijke verschil te begrijpen.
Wat je naam onder een tekst betekent
Een opmerking van Barend Last hielp mij mijn gedachte aan te scherpen. Hij benoemde twee dingen die je van een tekst mag verlangen: de tekst moet goed zijn en iets bijdragen, en degene wiens naam erbij staat moet de inhoud kunnen verantwoorden.
Daar kan ik veel meer mee. Als mijn naam bij een artikel staat, mag je mij aanspreken op de redenering. Als een bron mijn conclusie niet ondersteunt, moet ik dat herstellen. Ik kan me dan moeilijk verschuilen achter de mededeling dat AI die bron had gevonden. Door de tekst te publiceren heb ik de inhoud voor mijn rekening genomen.
Dat geldt ook voor een gedachte die tijdens een gesprek is ontstaan of een formulering die iemand anders heeft voorgesteld. Mijn naam betekent dat ik achter de gepubliceerde tekst sta en kan uitleggen waarom. Waar ik ideeën of bevindingen van anderen gebruik, blijft behoorlijke bronvermelding uiteraard nodig. Een algemene melding over AI vertelt de lezer niet op wiens werk mijn redenering steunt.
Ik verwacht dat schrijven met hulp van AI over niet al te lange tijd voor de meeste mensen een normale manier van werken is, als het dat niet nu al is. De één bespreekt er een idee mee, de ander laat een eerste versie maken en werkt die verder uit. We zullen bij een tekst dus al rekening houden met de mogelijkheid dat AI heeft meegeholpen. Een standaardmelding vertelt dan dat er hulp is gebruikt die we al als normaal beschouwen. Ze vertelt nog steeds niet welke gedachten en afwegingen de schrijver zelf heeft ingebracht.
Verantwoordelijkheid voor een tekst moet je leren dragen
Voor het onderwijs vraagt dit om een andere manier van kijken naar ingeleverde teksten. Een leerling die zijn naam onder een betoog zet, moet kunnen uitleggen waarom de conclusie volgt en waarop die berust. Alleen zeggen dat je achter de inhoud staat, is onvoldoende. Als een bron minder overtuigend blijkt dan gedacht, moet je kunnen aangeven wat dat voor je redenering betekent. Dat begrip moeten we zichtbaar maken in ons onderwijs en onze beoordeling.
Het gesprek over AI-gebruik kan daarbij vaak zinvol zijn. Het KIES-framework helpt leerlingen bewust te kiezen welke hulp ze inzetten en hoe ze het resultaat beoordelen. Waarom liet je AI bij dit onderdeel meedenken? Wat heb je met de suggesties gedaan? Een leerling die kan uitleggen waarom een overtuigend klinkend voorstel toch is geschrapt, laat iets zien van zijn afwegingen. Daar kan een docent op doorvragen en feedback op geven. Zo krijgt het bespreken van AI-gebruik een duidelijke functie in het leren. Een standaardmelding onder iedere tekst vertelt ons dat allemaal niet.
Daar hoort voor mij overigens ook bij dat leerlingen oefenen met hun gedachten helemaal zelf formuleren en op papier zetten. Ze zoeken dan zelf naar woorden en bouwen hun zinnen en redenering op, zonder aangeleverde formuleringen van AI of andere mensen. Bronnen en eerdere gesprekken mogen hun gedachten voeden; het verwoorden doen ze tijdens die oefening zelf. Juist bij het zoeken naar een formulering kun je ontdekken dat je gedachte nog niet klopt. Ook die ervaring moeten leerlingen kunnen opdoen.
We moeten dus duidelijker bepalen wat we met een opdracht willen laten oefenen of aantonen. Bij opdrachten waarbij hulp beschikbaar is, kunnen we ervan uitgaan dat AI gebruikt kan worden. Vervolgens moeten we kunnen vaststellen wat de leerling begrijpt en waarvoor die verantwoordelijkheid kan dragen. Een algemene meldplicht gaat die onderwijsopgave niet voor ons oplossen.
NB. Voor dit artikel neem ik die verantwoordelijkheid zelf. Je kunt mij aanspreken op wat er staat en op de bronnen waarmee ik mijn gedachte onderbouw. Je mag mij ook overtuigen van gaten in mijn redeneringen bv. Daar worden we allemaal wijzer van. Over de rol van AI bij het maken van dit stuk doe ik geen uitspraken ;-)
